
De honden vacht verzorgen per vachttype vraagt om een andere aanpak voor een korte, lange, ruwharige of dubbele vacht. Kijk naar de haarlengte, structuur en ondervacht van jouw hond. Een kortharige hond heeft meestal minder werk nodig dan een hond met lange, wollige haren. Met het juiste materiaal, rustige bewegingen en extra aandacht voor gevoelige plekken houd je de vacht comfortabel en overzichtelijk.
Niet iedere hond heeft dezelfde borstelroutine nodig. Ras, vachtdichtheid, leeftijd, seizoen en conditie maken verschil. Begin daarom niet met de vraag welke borstel je moet kopen, maar met de vraag wat de vacht van jouw hond nodig heeft.
Volgens het LICG heeft iedere hond vachtverzorging nodig, maar verschilt de frequentie per vachttype. Gebruik deze richtlijnen als startpunt en pas ze aan wanneer je hond snel klitten krijgt of juist weinig losse haren heeft.
Bij een korte vacht werkt een rubberborstel vaak prettig. Daarmee verwijder je losse haren en masseer je de vacht licht tijdens het borstelen. Maak rustige bewegingen met de groeirichting mee en oefen weinig druk uit. Een zachte doek kan na een wandeling helpen om stof en losse haren weg te nemen.
Let tijdens de rui op de hoeveelheid haar die loskomt. Een dagelijkse korte sessie kan dan praktischer zijn dan één lange borstelbeurt per week. Stop wanneer de huid rood wordt of jouw hond ongemak laat zien. Gebruik geen intensieve ondervachthark bij een kortharige hond zonder eerst te weten of dat instrument bij zijn vacht past.
Wil je verschillende soorten borstels vergelijken, bekijk dan onze categorie borstels voor honden. Kies altijd een formaat waarmee je gecontroleerd kunt werken.
Bij halflange en lange vachten begint goede verzorging bij systematisch werken. Verdeel de vacht in kleine delen en borstel niet alleen de haren die je bovenop ziet. Til de bovenlaag op en controleer of je kam ook dichter bij de huid komt, zonder eraan te trekken.
Een slickerborstel kan helpen om losse haren uit een langere of dikkere vacht te halen en kleine klitten los te maken. Werk met korte, lichte bewegingen. Trek niet hard aan een klit en blijf niet eindeloos op dezelfde plek borstelen. Voor lange, sluike haren kan een pennenborstel met afgeronde uiteinden geschikt zijn. Een kam gebruik je daarna om te controleren of je zonder haperen door de vacht komt.
Maak vooral deze plekken onderdeel van je vaste controle:
De dierenartsen van AniCura noemen deze plaatsen als gebieden waar bij langharige honden snel klitten ontstaan. Controleer ook de oren, poten en ruimte tussen de tenen na een natte wandeling of een dag in hoog gras.
Een dubbele vacht bestaat uit een dekharenlaag en een dichte ondervacht. Denk bijvoorbeeld aan honden met een dikke wintervacht. Bij dit type is het belangrijk dat je laag voor laag werkt. Het LICG beschrijft bij de Keeshond dat je de haren eventueel tegen de groeirichting in kunt kammen om de onderwol beter te bereiken.
Maak de vacht eerst vrij van oppervlakkige klitten. Til daarna een klein deel op en werk voorzichtig richting de huid. Gebruik een ondervachtkam of hark alleen wanneer die geschikt is voor de dichtheid en lengte van de vacht. Zet geen kracht. Als de tanden blijven haken, stop dan en laat een trimmer voordoen hoe je veilig verder werkt.
Een ondervachthark is bedoeld om losse onderwol en dode haren uit een dichte vacht te halen. Het is geen vervanging voor een gewone borstel en ook geen instrument om dagelijks hard mee door de vacht te trekken. Een slickerborstel werkt meer aan de buitenlaag en bij kleine klitten; een kam controleert of de haren echt vrij zijn. Je vindt deze materialen bij onze categorieën kammen en harken.
Begin bij een dichte dubbele vacht met korte sessies. Werk bijvoorbeeld eerst één schouder, daarna een deel van de flank en pas later de broek of staart. Zo blijft het overzichtelijk voor jou en jouw hond.
Een kleine, losse klit kun je soms voorzichtig met je vingers en een passende kam uitwerken. Houd de haren bij de huid vast, zodat je niet aan de huid trekt. Werk van de buitenkant van de klit naar binnen en neem pauze zodra jouw hond spanning of pijn laat zien.
Een sterk vervilte, pijnlijke of grote klit moet je niet langdurig zelf uitkammen. Klitten kunnen ongemak, huidirritatie en problemen bij bewegen veroorzaken. Laat een professionele trimmer de vacht beoordelen. Zie je daarnaast jeuk, roodheid, kale plekken of wondjes, neem dan contact op met de dierenarts.
Knippen of scheren is niet automatisch de beste oplossing tegen verharen of warmte. Bij sommige vachten kan scheren de structuur beschadigen of zorgt de vacht daarna langzaam voor hergroei. Bespreek zo’n ingreep eerst met een ervaren trimmer.
Bij een ruwharige hond is borstelen niet altijd de volledige verzorging. Veel ruwharige vachten moeten twee tot vier keer per jaar worden geplukt, maar alleen wanneer de vacht plukrijp is. Plukken is iets anders dan scheren of knippen.
Heb je hier geen ervaring mee, laat een professionele trimmer de techniek uitleggen of de behandeling uitvoeren. De ABHB adviseert bij twijfel over materiaal en techniek advies te vragen aan een aangesloten trimmer. Onjuist plukken kan pijnlijk zijn en het natuurlijke ruipatroon verstoren.
Een veilige routine begint niet met een lange borstelbeurt. Laat jouw hond eerst rustig aan het materiaal ruiken. Raak daarna kort een makkelijk lichaamsdeel aan en beloon kalm gedrag. Bouw langzaam op naar borstelen, kammen en het controleren van poten, oren en staart.
Werk met sessies van enkele minuten en stop voordat jouw hond onrustig wordt. Oefen niet alleen wanneer de vacht al vol klitten zit. Zo wordt aanraken een normaal onderdeel van de verzorging. Bij een pup kun je beginnen met één streek en dit stap voor stap uitbreiden.
De Dierenbescherming benadrukt het belang van kammen, borstelen en tijdig naar de trimmer gaan. Trek geen haren uit de gehoorgang; dat kan irritatie en soms een ontsteking veroorzaken.
Was jouw hond wanneer de vacht vuil is of wanneer de activiteit daarom vraagt. De juiste frequentie hangt af van de vacht en het dagelijks leven van jouw hond. Gebruik water of een speciale hondenshampoo en geen mensenshampoo. Volgens het LICG kan mensenshampoo te agressief zijn voor de hondenhuid.
Maak de vacht goed nat, masseer de hondenshampoo rustig in en spoel zorgvuldig uit. Droog de vacht daarna goed, vooral bij een dichte ondervacht. Voor een krullende vacht kun je bijvoorbeeld een speciale shampoo gebruiken, zoals Greenfields hondenshampoo Curly Coat. Kies zo’n product op basis van de structuur van de vacht en was niet vaker dan nodig.
Laat modder eerst opdrogen wanneer dat kan. Borstel losse aarde daarna voorzichtig uit de vacht en controleer de poten, oksels en broek. Spoel vuil tussen de tenen weg met lauw water en droog goed. Klitten ontstaan sneller wanneer vocht en vuil lang in een lange vacht blijven zitten.
Plan korte, regelmatige sessies. Bij een kortharige hond kan dagelijks afnemen of borstelen voldoende zijn. Heeft jouw hond een dubbele vacht, werk dan laag voor laag en gebruik een ondervachtinstrument alleen met lichte druk. Controleer de huid na afloop.
Maak dagelijks tijd voor een controle. Begin bij de delen die snel klitten en kam daarna de rest van het lichaam. Kom je niet goed tot op de huid of blijft de kam haken, vraag dan een trimmer om de techniek te beoordelen.
Stop met borstelen op die plek. Jeuk, roodheid, kale plekken en wondjes kunnen verschillende oorzaken hebben. Laat jouw hond in zulke gevallen door een dierenarts onderzoeken in plaats van zelf intensiever te borstelen.
Wil je thuis een eenvoudige basisset gebruiken, dan kan de Mister Mill voordeelset met slickerborstel en ondervachtkam passen bij een kleine hond met een geschikte langere of dichte vacht. Laat bij twijfel eerst een trimmer de juiste techniek voordoen. Met liefde uitgekozen en zelf getest door Tjoco en Deezy: verzorging die past bij avontuur buiten, van kop tot poot.
Kortharige honden hebben buiten de rui vaak af en toe verzorging nodig. Tijdens de rui kan dagelijks borstelen nodig zijn. Halflange en ruwharige vachten vragen meestal enkele keren per week; lange, wollige en zijdeachtige vachten dagelijks.
Een rubberborstel is vaak geschikt voor een korte vacht en helpt losse haren tijdens de rui verwijderen. Gebruik geen intensief ondervachtinstrument zonder advies.
Werk laag voor laag met lichte bewegingen, zodat je ook de onderwol bereikt zonder hard aan de huid te trekken. Laat een trimmer de techniek voordoen als de kam blijft haken.
Een borstel helpt losse haren en oppervlakkige klitten verwijderen. Een kam controleert of de vacht vrij is. Een ondervachthark / ondervachtkam is bedoeld voor losse onderwol in een dichte vacht en vraagt een voorzichtige techniek.
Probeer een sterk vervilte of pijnlijke vacht niet langdurig zelf uit te kammen. Laat een professionele trimmer de vacht beoordelen en ga bij huidklachten naar de dierenarts.
Nee. Gebruik water of speciale hondenshampoo. Mensenshampoo kan volgens het LICG te agressief zijn voor de hondenhuid.
Dierenbescherming – Let op: kam, borstel en ga naar de trimmer
LICG – Vachtverzorging bij de hond